• Anje

Scribing: narratief onderbouwd

Op vrijdag 22 en zaterdag 23 april was ik in Utrecht te gast op het 'Narratief congres van de Lage Landen'. Met een lang woord, de officiële benaming: 'Het narratief, dialogisch en collaboratief congres'. Sabine Vermeire vroeg me om mijn werk omtrent scribing in de context van het dagziekenhuis van UPC KU Leuven voor te stellen. Sinds januari 2021 werk ik als 'scribe' en visualisator voor Huis 6, een semi-residentiële setting. Er komen jongeren van 14 tot 18 jaar, soms ook wat jonger. Overdag komen ze naar het ziekenhuis voor een programma dat therapie combineert met onderwijs in de ziekenhuisschool. 's Avonds zijn de jongeren gewoon thuis. In Huis 6 leven de jongeren samen in groep en doen ze activiteiten die ook in een gezin gebeuren. Het programma bestaat uit leefgroepmomenten, diagnostiek, gesprekstherapie, psychomotorische therapie en muziektherapie afgewisseld met ziekenhuisschool. In 2021 kon ik er starten als 'scribe'. Het opzet was om te experimenteren met het visualiseren van gesprekken: individuele gesprekken, groepsgesprekken, gezinsgesprekken. Een wit blad lag voor me.


Scribing


Scribing gebeurt meestal in bedrijfscontexten of veranderingswerk. Het zijn vaak consultancy-opdrachten voor lokale overheden, teams en organisaties. Wat uniek is in onze setting, is dat we experimenteren met scribing in een ziekenhuisomgeving, in een therapeutische context. Ik had het geluk om terecht te komen in een multi- en transdisciplinair team. De opdracht was om gedurende één jaar lang aan de slag te gaan met jongeren, ouders en gezinnen en ook te kijken hoe mijn werk zou landen in het bestaande team.


Over dit werk praatte ik op het congres. Ik maakte (voor het eerst sinds lang) nog eens een presentatie, toonde veel foto's van het werk dat ik deed, en probeerde het werk ook te plaatsen binnen een aantal bestaande kaders. Gezien ik zelf geen therapeut ben, best wel spannend. Maar het lukte. En het werd gesmaakt.


De kaders die ik voorstelde waren de volgende:

  • Het kader van 'Generative Scribing' zoals ik het leerde kennen in de Presencing Institute. Een methode ontwikkeld door Kelvy Bird en collega's. Een bijzonder mooi naslagwerk over 'Generative Scribing' kan je verkrijgen via de website van het instituut.

  • Het kader van 'Grafisch Ontwerp' en al wat er te weten is over het doeltreffend overbrengen van boodschappen, van zender naar ontvanger. Zaken als mindmapping, illustratie, reclame, advertisement, promotie en marketing. Het klinkt misschien wat raar maar als je het beste van een aantal werelden samen neemt, en over de muren heen kijkt, is er heel wat rijkdom te rapen. Net daarin bestaat de waarde van het transdisciplinaire werk: minder gebruikelijke disciplines betrekken in het domein van de zorg. Best wel ferm dat UPC KU Leuven daarin durft te investeren.

  • Het 'geëngageerd en sensibiliserend artistieke werk' van een aantal beeldend kunstenaars, zoals bijvoorbeeld Mandy Barker's kunst met een klimaatboodschap, om via een mooi verpakt geheel een lelijk-lastig thema (vervuiling van de zeeën en oceanen) in het licht te zetten.

  • De kunsten tout-court. De waarde van kunst, het helend karakter van kunst. De uitvoerende kunsten, de beeldende kunsten. Dit domein sijpelt al wat door naar de therapiekamer via 'creatieve therapie', het zich uitdrukken via de taal van de kunsten. Scribing is echter nog iets anders. Scribing gaat over het betrekken van een kunstenaar in het proces, een outsider witness die zich niet profileert als therapeut, maar als getuige, als mens, als moeder, als dochter, als ouder. De 'scribe' neemt expliciet een andere positie in dan de therapeut, en pakt aldus een àndere rol. De rol van zoekende medestander, vanuit een positie van gelijkwaardigheid: 'Ik leer van jou. Jij leert van mij. We're in this together.'

  • En tenslotte ook, hoe kan het ook anders op een 'narratief congres', een koppeling met het werk van Michael White. Deze koppeling kon ik maken dankzij de talloze gesprekken met Leen Carens, mijn collega in de groepspraktijk 'Verbinding in Verlies' en Sabine Vermeire, werkzaam bij de Interactie-Academie. Hieronder licht ik het graag wat verder toe.

Narratief bekeken


10 manieren om dit werk te begrijpen vanuit een narratief perspectief:

  1. Documenteren Scribing helpt bij het documenteren van het verhaal. Het geeft bestaansrecht aan het vertelde. Woorden en zinnen worden vaak letterlijk neergeschreven. De beelden worden erbij getekend. Tijdens het scriben (live tekenen in het hier en nu) vraag ik ook om input bij de betrokkene. 'Moet de vlek groter? Klopt de kleur? Is het zwart zwart genoeg?'

  2. Externaliseren Het naar buiten brengen van een innerlijk verhaal, op papier, raadpleegbaar, tastbaar, toonbaar. Thema's worden benoemd en gekarakteriseerd. Ik speel met voorgrond en achtergrond, wat staat vooraan in het groot, wat staat achteraan in het klein. Er wordt perspectief in toegevoegd. Vaak ook maken we snapshots van de tekeningen. We trekken foto's vanuit alle perspectieven, ondersteboven, binnenstebuiten. Of zoals L., een meisje van 16, aangaf na een ontrafelsessie: 'Met behulp van tekeningen sleutelwoorden en gedachten in je hoofd aan elkaar linken en tekenen zodat het duidelijker wordt en je er vanop een afstand naar kan kijken.'

  3. Het rivieroever-perspectief Scribing zorgt ervoor dat de cliënt vanuit de 'rivieroever-positie' (in het Engels 'riverbank position' genoemd) naar zijn 'rivier' kan kijken. De rivier staat dan voor het 'probleemgesatureerde verhaal'. Bij afloop van de scribing-sessie, vraag ik altijd aan de cliënt wat hem of haar opvalt bij het kijken naar de scribing. Ook bij een volgende sessie blikken we ook altijd even terug naar de vorige scribing: 'Wat valt er je nu op als je naar de tekening kijkt van vorige keer? Zie je iets anders? Wat zou je veranderen?'

  4. Consolideren van het rivieroever-perspectief Scribing consolideert eveneens de positie omdat de tekening tastbaar is en blijft bestaan. Een tekening is pakken minder vluchtig dan een gesprek. Het kijken naar de tekening zorgt er elke keer weer voor dat de cliënt wordt uitgenodigd om vanuit de 'riverbank' positie naar zichzelf en zijn of haar geworstel te kijken. De 'rivieroever' positie is in het gewone leven moeilijk vol te houden. Scribing biedt weerstand tegen de dominante zuigkracht van het probleemverhaal. Een zinnetje dat ik me soms hoor zeggen is: 'Zullen we de tekening van vorige keer er nog eens bijnemen? De bloem, waar stond die ook alweer voor?'

  5. Ordening Scribing brengt ordening toe: grote of kleine letters, fel rood of duister blauw. Scribing brengt de sprankeltjes in beeld. 'Wat staat daar in het zwart? Wat schittert daar in het geel?'

  6. Herpositioneren Scribing helpt bij herpositionering. Scribing biedt een opstapje tot het creëren van nieuwe reflecties (ongoing conversations). Aan de hand van de tekeningen kan de cliënt zich herpositioneren ten opzichte van de moeilijkheden. In die optiek kan het ook zinvol zijn om de reflecties van de cliënt opnieuw te documenteren (oogsten van de oogst). 'Als je al deze dingen ziet, hoe wil je je dan verhouden ten opzichte van die dingen? Wat zegt dit over wat je waardevol vindt in het leven?'

  7. Agency Een veelgehoord woord in het narratieve werk van Michael White is 'agency'. Je kan het vertalen als zelfsturing, auteurschap, regie. Als scribe ben ik heel erg actief aan het werk. Het verhaal van de cliënt gaat door mijn systeem en komt via mijn handen op papier. Voor je het weet ben ik de enige regisseur. Net daarom betrek ik de cliënt in de keuze van kleuren, vormen en formaat. Heel vaak geef ik mijn penseel uit handen en betrek ik de cliënt in het maken van de tekening. Op die manier wordt het werk een 'cocreatie', waar niet één maar twee mensen samen in regie zijn. - 'Als je spreekt over 'het trauma', aan welke kleur moet je dan denken?' - 'Ik weet het niet goed. Oranje, denk ik.' - 'Licht oranje of donker oranje?' - 'Dat daar...' Ik dop mijn penseel in de oranje verf en voeg er wat extra geel aan toe. En zo creëren we samen de tekening.

  8. De rode draad Scribing helpt bij het achterhalen van de rode draad, de intentionele betekenis van het geworstel. Scribing kan de intenties en de hoop expliciet maken. Heel erg fijn is het dat elk gesprek samengevat getekend staat op 1 A4. Het is ook relatief makkelijk om een overzicht te verkrijgen over een traject. We leggen gewoon alle tekeningen op de grond, in een lange rij, en in 1 oogopslag zien we alles tegelijk. We kijken ernaar en zien dat er dingen terugkomen. 'Kijk, hier had je ook al die regenboog. En hier terug. En daar op het einde ook.' Zo komen we samen tot belangrijke en veelbetekenende ontdekkingen. Heel fijn ook. Soms voelt het wat als 'detective-werk'. Een samenzoeken en onderzoeken. En cocreatief onderzoeksproject.

  9. Scaffolding Scribing draagt bij tot 'scaffolding'. Vanop een steeds hogere positie op de steigers kan er telkens weer gekeken worden naar het verhaal? Het totale landschap wordt zichtbaar. Vanaf die positie kan je ook de alternatieven zien. Je kan komen tot eigen oplossingen. Er ontstaan ideeën voor andere acties. Scribing draagt bij tot het innemen van een overschouwende meta-positie.

  10. Het echo-effect Last but not least: scribing maakt het mogelijk om het verhaal op een makkelijke en toegankelijke wijze te delen met externen (familie, vrienden, hulpverleners). Het verhaal wordt tastbaar, toonbaar, deelbaar. Het verhaal echoot doorheen de tunnel en kan worden opgepikt door anderen. Ik bied altijd aan om een foto te maken van de scribing. Ik stuur de scribing ook na via mail en post. In de context van het dagziekenhuis worden alle scribings bewaard in een mooi kartonnen mapje en maak ik een kleurenkopie van de tekeningen om mee te nemen naar huis. Vaak vraag ik nadien of ze de scribing aan iemand hebben getoond, of dat zouden willen doen? 'Wie zou deze scribing willen zien en wat zou je dan willen dat hij of zij zeker ziet?'. Het is het afterglow-effect, hoe de tekeningen nazinderen. De echo die door de bergen klinkt. Heel vaak geven cliënten aan dat ze de tekening ergens hebben opgehangen waar ze hem vaak zien. Of ze vertellen dat ze hem aan iemand getoond hebben waar ze al lang niet meer mee gesproken hadden. 'We hebben niet echt gepraat maar we hebben samen naar de tekening gekeken.'

Zo, tot hier mijn reflectie. Het was fijn om deze lezing te mogen geven. Het deed me stilstaan bij mijn werk. Het deed me nadenken over de betekenis van het werk. Ik kreeg fijne reacties. Ik had natuurlijk veel te veel slides want ik wou zoveel vertellen. Toch lukte het om alle slides te tonen, ook de laatste waarin ik aangeef dat dit werk enkel en alleen is kunnen ontstaan dankzij de mensen die deel uitmaken van het team. Mijn collega's in het dagziekenhuis en in de groepspraktijk 'Verbinding in Verlies'. Graag wil ik hen bedanken om een kijkende nieuwsgierige kunstenaar in hun midden op te nemen. Het is niet altijd makkelijk om een getuige toe te laten in een gesprek dat je voert met je cliënt. En zeker niet eentje die alles hoort en ziet en dit teruggeeft onder de vorm van een tekening. Fijn dat ik dit werk kan doen, mag doen. Ik ga nog even door.


Dank je wel aan iedereen die bijdroeg tot het tot stand komen van dit werk, voor het vertrouwen, de steun, het enthousiasme en het geloof.